Beheerd door de Koning Boudewijnstichting

Zorg is mensenwerk

Terug naar overzicht

De transformatie van de eerste lijn is mee de verdienste van het Fonds Dr. Daniël De Coninck, het grootste Fonds dat de Koning Boudewijnstichting beheert. Het draagt de stempel van onderneemster Patricia Adriaens, die van bij het begin aan het roer van het bestuurscomité stond – warm, geëngageerd, zorgzaam. Nu ze de fakkel doorgeeft, sprak ze met Brieuc Van Damme, CEO van de Koning Boudewijnstichting, over het belang van een sterke, verbindende eerste lijn.

Het zijn twee Bruggelingen die elkaar treffen in de Brederodestraat. Buren, bijna. Patricia Adriaens woont in Die Scone op een steenworp van de CEO van de Koning Boudewijnstichting. Maar ze hebben wel meer met elkaar gemeen dan Brugge. Vóór Brieuc Van Damme aan het hoofd van de Stichting kwam, was hij directeur-generaal van de dienst Geneeskundige Verzorging van het RIZIV. Adriaens, telg uit de ondernemersfamilie die het diepvriesbedrijf Fribona oprichtte en zelf CEO, lijkt op het eerste gezicht veraf te staan van de wereld van de zorg. Maar dat is alleen voor wie oppervlakkig kijkt.

Patricia Adriaens: “Ik had van jongsaf interesse voor zorg. Ik deed op mijn zeventiende al vrijwilligerswerk bij Ten Dries in Lovendegem, een voorziening voor personen met een handicap. Ik stond daar in de zwaarste groep. Wat ik daar gezien heb, heeft me getekend voor het leven. Ik ben een zorgend mens. Er zijn voor een ander, elkaar helpen, dat is voor mij het belangrijkste in het leven.”

Brieuc Van Damme: “Wanneer werd uw ervaring in de zorg ook bestuurservaring?”

Patricia Adriaens: “Tien jaar geleden werd ik voorzitter bij Groep Gidts voor het maatwerkbedrijf Mariasteen en voor Dominiek Savio, dat zorg en onderwijs biedt aan mensen met een neuromotorische beperking. Ik haal daar enorm veel energie uit. Toen ik het vorig jaar wat rustiger aan moest doen, heb ik mijn activiteiten voor het bedrijf teruggeschroefd, niet mijn sociaal engagement. Naast Groep Gidts ben ik ook actief bij het Streekfonds West-Vlaanderen en in Brugge bij armoedevereniging Open Balie.”

Brieuc Van Damme: “Het valt me op dat u zorg op een heel brede manier invult. Niet alleen gezondheidszorg, maar ook zorg voor mensen die arm zijn, voor mensen die eenzaam zijn. Zorg dragen voor alle mensen.”

Patricia Adriaens: “Ik zet mij in voor alle kwetsbare mensen die zorg nodig hebben en dat wilde ik ook voor het Fonds Dr. Daniël De Coninck. Ik wist nauwelijks wat er onder de eerste lijn verstaan werd toen me gevraagd werd om voorzitter te worden. Ik heb dat mettertijd geleerd. Het heeft mijn blik op de samenleving verruimd.”

Brieuc Van Damme: “Welke zijn volgens u de goede keuzes die het Fonds bij zijn oprichting gemaakt heeft voor zijn koers?”

Patricia Adriaens: “De missie die was uitgeschreven tussen het Wit-Gele Kruis West-Vlaanderen en de Stichting rond de eerstelijnszorg was van bij het begin duidelijk: steunen en ontwikkelen van initiatieven die bijdragen aan de gezondheid van de levenskwaliteit van patiënten in hun thuisomgeving – in de eerste plaats voor de meest kwetsbaren in de maatschappij. We hebben drie pijlers bepaald en die staan nog altijd overeind. De kennisopbouw rond eerstelijnszorg, waar de twee leerstoelen BeHive en de Academie voor de Eerste Lijn uit voortgekomen zijn. Investeren in zorgverstrekkers – personeel vinden in de eerstelijnszorg is een groot knelpunt. En dan middelen voor zorgvragers, in de brede zin. Zorgvragers zijn voor mij en voor het Fonds niet enkel patiënten die ziek zijn, dat zijn alle burgers. Vanuit dit brede idee zijn we ook gestart met Zorgzame Buurten, een prachtig project dat niet enkel oog had voor de gezondheid maar ook voor het welzijn van mensen.”

Brieuc Van Damme: “Dat project is nadien overgenomen door de Vlaamse overheid. Daar speelt de Stichting voluit haar rol. Ze helpt iets unieks op te zetten, iets innovatiefs en creatiefs, dat slaat aan, en de overheid neemt over om het te verduurzamen.”

Patricia Adriaens: “Dat was een hele eer. We hebben zoveel prachtige projecten gedaan. Ik vond het daarbij belangrijk om die verdeling in het budget – een derde kennisopbouw, een derde zorgverstrekkers en een derde zorgvragers – goed te bewaken. Dat niet alles naar kennisopbouw gaat, maar dat mensen thuis ook kunnen genieten van de kennis die in de praktijk wordt gebracht.”

Brieuc Van Damme: “Heeft de covidpandemie een rol gespeeld bij die groei van het Fonds de afgelopen acht jaar? Het feit dat de eerstelijn zo’n cruciale rol had in de beheersing van de epidemie en dat het Fonds net daar op werkt?

Patricia Adriaens: “Hoe vreemd het ook klinkt, dat was een van de mooiste momenten van de voorbije acht jaar. De wendbaarheid van het Fonds zien in die crisis, en zien welke impact we daarmee gehad hebben. Niemand wist op dat moment wat er op ons afkwam. Op 13 maart 2020 besliste de regering over de eerste strenge covidmaatregelen. Vijf dagen later, toen het land in lockdown ging, hadden we met het Fonds al een spoedprocedure om eerstelijnsorganisaties te ondersteunen. Twee keer per week konden ze een aanvraag doen. De dag na de aanvraag besliste de jury al, twee dagen daarna stond het geld op de rekening. We hebben toen in twee weken 1 miljoen euro verdeeld. Schitterend!”

Brieuc Van Damme: “Wij herinneren ons hier de reacties van organisaties toen. Er was zoveel dankbaarheid, het water stond ze echt aan de lippen. Op die schaal kunnen werken, en vooral aan die snelheid, dat is eigen aan stichtingen. Wat blijft u nog bij van die acht jaar?”

Patricia Adriaens: “De warmte van het  bestuurscomité en van de mensen van de Stichting die werken voor het comité, hun gedrevenheid. Ze gaan er echt voor! Ook de mensen in het comité zelf halen enorm veel energie uit het Fonds. We zijn blij dat we iets kunnen betekenen voor een ander, dat we maatschappelijke impact hebben.”

Brieuc Van Damme: “In mijn contacten met stakeholders hoor ik dat het Fonds volgens hen een gamechanger geweest is voor de eerste lijn. Is dat ook uw aanvoelen?”

Patricia Adriaens: “Zeker. Soms vragen ze me wel wat de totaalvisie van Fonds Dr. Daniël De Coninck is. We moeten daar nog beter over communiceren. Sinds de afronding van Transform, een internationaal project rond doelgerichte zorg, mis ik ook wel die internationale blik. Ik zou toch voorstellen om weer meer over de grenzen heen te kijken: hoe werken ze daar rond eerstelijnszorg en wat kunnen we hier toepassen? Tot slot heeft het Fonds ook de samenwerking in de eerste lijn enorm gestimuleerd. Bij de grants drongen we aan op samenwerking. We brachten projecten samen om te leren van elkaar. En de leerstoelen van BeHive en de Academie voor de Eerste Lijn bundelen steeds vaker hun krachten.”

Brieuc Van Damme: “Ziet u nog obstakels of aandachtspunten voor de komende jaren?”

Patricia Adriaens: “Wat me zorgen baart in de eerste lijn is de snelle digitalisering. Niet iedereen kan mee. Al die digitale gegevensplatformen die organisaties gecreëerd hebben, bestaan bovendien allemaal naast elkaar. Daar één platform van maken, dat zou een stevige administratieve vereenvoudiging en een grote besparing zijn. Die middelen kunnen we besteden aan andere dingen in de gezondheidszorg.”

Brieuc Van Damme: “Het zou zeker ook helpen om een beter zicht te krijgen op alle factoren die de gezondheid van een mens bepalen, in hun samenhang. Het Fonds heeft de afgelopen acht jaar veel middelen ter beschikking gesteld om te experimenteren en nieuwe methodes en benaderingen uit te proberen. Maar het blijven projectmiddelen.”

Patricia Adriaens: “We merken inderdaad een zekere projectmoeheid. Telkens opnieuw een dossier indienen en herbeginnen, in plaats van te kunnen voortbouwen. Dat is misschien wel een punt. Moeten we niet nog meer projecten steunen op de langere termijn, met de voorwaarde dat ze dan de opgedane kennis delen met andere organisaties? We hebben dat onlangs nog besproken in het bestuurscomité.”

Brieuc Van Damme: “U bent onderneemster. Wat hebt u vanuit die bril binnengebracht in het Fonds?”

Patricia Adriaens: “Het belang van een goede verdeling en opvolging van budgetten, van vereenvoudigen, niet talmen en beslissingen durven te nemen. Maar ook omgekeerd heb ik van de eerste lijn veel geleerd, zoals de aandacht voor werkbaar werk. Werknemers zijn in de eerste plaats mensen en ze zijn voor elke organisatie of elk bedrijf het belangrijkste kapitaal.”

Brieuc Van Damme: “We horen de laatste tijd veel bezorgdheid over de eerste lijn en het zorglandschap in ons land. Bent u ongerust? Hoopvol?”

Patricia Adriaens: “Hoopvol, zeer zeker. Maar de druk op de eerste lijn groeit wel. Ziekenhuisopnames worden korter en de zorg thuis wordt groter en complexer. Oudere mensen stellen de stap naar een woonzorgecentrum zo lang mogelijk uit, maar ze hebben dan thuis ook meer zorg nodig. Dit alles vergroot de druk op de eerste lijn, terwijl er al een nijpend personeelstekort is. Dit personeelstekort aanpakken, maar ook dat personeel vasthouden door het werk werkbaar te maken, dat zijn grote uitdagingen. In dat licht hebben we een project uitgeschreven rond vrijwilligerswerk en mantelzorgers met wie professionals kunnen samenwerken. Iedereen zal moeten zorgen voor elkaar, we kunnen daarvoor niet alleen rekenen op professionals.”

Patricia, samen met (van links naar rechts) Martine Delfosse, Sofie Bekaert en Tinne Vandensande

Brieuc Van Damme: “Ondernemer Gilles Vandervorst is de nieuwe voorzitter van het Fonds Dr. Daniël De Coninck. Wat wenst u hem toe?”

Patricia Adriaens: “Voldoende daadkracht en wendbaarheid. Het ondernemerschap om zaken te realiseren. Vooruitkijken en vernieuwen en voldoende over het muurtje kijken, naar het buitenland.  Continu bijsturen om te zorgen voor een zo groot mogelijke maatschappelijke impact. En technologie slim helpen in te zetten in de eerste lijn. Een van de mooie initiatieven in dit opzicht was Go Ergo! Go!, waarbij we zes pilootprojecten gesteund hebben om mensen thuis te ontlasten via hulpmiddelen, begeleid door ergotherapeuten. Op een vergadering met het RIZIV zaten die mensen met open mond te luisteren. Ze wisten niet dat ergotherapeuten zoveel deden. Ergotherapeuten werken preventief, vanuit de sterktes van mensen, vanuit datgene wat ze wel nog kunnen. Een RIZIV-erkenning voor deze groep, dat is een volgende uitdaging. Een hele waslijst dus voor Gilles, het werk is nog niet af.”

Brieuc Van Damme: “Door mijn verleden bij het RIZIV is mijn kijk op zorg altijd een beetje medisch gebleven. Bij u komt dat welzijn van mensen in alle aspecten sterk naar boven. In die acht jaar is het Fonds met u meegegroeid. Uw ziel zit daarin – uw warmte, uw zorgzaamheid, uw betrokkenheid. Welke aspecten hoopt u dat uw opvolger overneemt?”

Patricia Adriaens: “Dat hij voldoende waarderend is ten opzichte van iedereen. Dat welzijn geïntegreerd blijft in elke oproep, in elk aspect van het Fonds. En dat hij luistert, naar alle stakeholders. De tijd om te luisteren naar mensen ontbreekt vaak, zeker ook in de eerste lijn. Ze moeten hollen van patiënt naar patiënt. Maar voor sommige mensen zijn thuisverpleegkundigen of huishoudhulpen de enige mensen die ze zien op een dag.”

Brieuc Van Damme:  “Oplossingen zoeken voor die epidemie van vereenzaming, is dat iets voor de publieke sector? Of moeten we als samenleving gewoon veel meer voor elkaar zorgen?”

Patricia Adriaens: “We moeten allemaal meer voor elkaar zorgen. Met Open Balie doen wij in het weekend open, wanneer andere organisaties gesloten zijn. We hadden een rondvraag gedaan naar de noden. ‘Doe alsjeblieft iets op zondag’, zeiden mensen, ‘het is de eenzaamste dag van de week’. Elke zaterdag komen er zeventig mensen mee brunchen en sinds De Warmste Week rond eenzaamheid vorig jaar zijn we ook gestart op zondagnamiddag met vrijwilligers.”

Brieuc Van Damme: “Volgend jaar is overigens het Jaar van de Vrijwilliger. Dat maatschappelijke weefsel, die warmere samenleving stimuleren, heeft het Fonds Dr. Daniël De Coninck daar een rol te spelen?”

Patricia Adriaens: “Absoluut, da’s ook eerstelijnszorg, hé? Ik ben een grote promotor van vrijwilligerswerk. Je doet iets voor een ander, maar het geeft je zelf ook voldoening en het ondersteunt professionals. Dat is pure win-win. We moeten allemaal samen zorgen voor een sterke, verbindende eerste lijn, zodat geen enkele zorgvrager nog door de mazen van het net valt.”

 

Het bestuurscomité van het Fonds Dr. Daniël De Coninck - Gent 2025
Terug naar overzicht